Tijdrit
Jaren geleden, toen ik samen met mijn twee jongere broers nog thuis woonde bij mijn ouders in Wognum, maakten we op een bijzondere manier kennis met de dijk. Wij reden graag op zomeravonden een rondje op de racefiets door het westfriese landschap. De dijk bleek voor ons het ideale traject om eens flink door te trekken, niet gehinderd door ander verkeer of stoplichten. Op een avond is het idee ontsproten om een tijdrit af te leggen op de dijk. Vanaf huis eerst warm rijden richting Hoorn80, waarna de jongte van ons het officiele startschot kreeg om over de dijk naar Enkhuizen te rijden. Hij kreeg een voorsprong van 3 minuten op mijn middelste broer. Hij vertrok, maar bleef op het mooie traject goed in het vizier. Nadat ook mijn tweede broer vertrokken was mocht ook ik nog 3 minuten wachten om gehuld in de gele trui van de Tour de France de tijdrijders op het parkoers compleet te maken. Man tegen man. Een gevecht tegen jezelf, de anderen, maar ook vooral tegen de dijk. Hij kon je maken en breken. Vooral omdat de tegenstanders dichterbij kwamen of verder weg fietsten. Niet te veel happen naar zuurstof, want voor je het weet had je een mug te pakken. De kilometers water van het Ijselmeer aan de rechterkant gaven een prettig aanzien en vormden een mooi contrast met de dijk en de weilanden er achter. De kilometers vlogen voorbij. De tijdrit naderde zijn einde. Winnen deed je door de anderen voor te blijven of juist te achterhalen. Vlak voor Enkhuizen gingen we de dijk af en keerden we huiswaarts met vaak de strijd die we hadden geleverd als gespreksstof.